avond
Start

 

        


Tarde

A veces, las estrellas

No se abren en el cielo.

El suelo es el que brilla

Iqual que un estrellado firmamento.

 

Avond

Soms gaan de sterren niet

open aan de hemel.

De aarde is het, die glinstert,

als een firmament met sterren bezaaid.  

J.R. Jiménez

 

 

Abendlied

 

Über allen Gipfeln
Ist Ruh,
In allen Wipfeln
Spürest du
Kaum einen Hauch;
Die Vögelein schweigen im Walde.
Warte nur, balde
Ruhest du auch.

 

J.W. von Goethe

 

 

Nube

 

Lo que yo te veo, cielo,

Eso es el misterio ;

Lo que está de tu otro lado,

Soyyo aquí, soñando.

 

Wolk

 

Wat ik in je zie, hemel,

Dit is het geheim;

Wat aan gene zijde van je is,

Ben ik hier, in dromen verzonken.

 

J.R. Jiménez

 

Tarde

 

Cómo, meciéndose, en las copas de oro,

Al manso viento, mi alma

Me dice, libre, que soy todo!

 

Avond

 

Hoe toch, zich wiegend in de gouden kruinen,

Bij zachte wind, mijn ziel

Me zegt, in vrijheid, dat ik alles ben!

 J.R. Jiménez

 

 

Bomen

 

Een boomtocht zo licht

in de wind of de wortels

verzetten geen stap.

 

De koele wind en het zachte spreken der bomen

en de losgebroken augustusmuziek der vogels

en de rivier die blikkert een magnifiek magnesiumlicht

en de zon die beurtelings charlie parker en bach heet

 

 

strek je armen gebogen liefste

ik wil gaan boogschieten met

lange gonzende woorden

 

 

ik heb een duizendmaal mooier vrijheidsbeeld gemaakt

ik heb je borsten nog nooit zo hoog gezien

kinderen kunnen glijbaan spelen langs je heupen

ik wil boldriehoeksmeting leggen langs je enkels

 

 

en ik kijk naar je door verrekijkers andersom

je loopt zo langzaam naakt door de verten

je bent een glasscherf zonlicht

je bent een vogel tussen hoog gras

je bent een kleine kobold met wuivende handen

 

 

ik kijk naar je met mijn eigen ogen

en ik leg je neer op het bed van mijn woorden

 

 

wij zijn de ruiters te paard van de zon

wij zijn de slaven der slavenhalers

ik was van zeewater en van nachtwind

ik ben met brandwonden overdekt

 

 

wij leven in mistige huizen

van stukken der sterren en van

de keistenen der liefde

en van de witte wijn van het lichaam

 

wij zijn het reisverhaal

van ons zwerven zonder landkaart

wij schrijven dreigbrieven naar de avond

en wij ontvoeren de nacht

 

wij knielen voor onze monden wij bidden  ave mariaas

der liefde

 

wij smeken de ander in leven te zijn wij vragen de val-

ken der valkenjacht

 

wij zijn kerkklokken

 

hoor je de stilte der zon liefste

hoor je de stilte der zon

hoor je de stilte der zon liefste

hoor je de stilte der zon

 

H.Andreus

 

 

 

 

Abend

 

Der Abend wechselt langsam die Gewänder,
die ihm ein Rand von alten Bäumen hält;
du schaust: und von dir scheiden sich die Länder,
ein himmelfahrendes und eins, das fällt;
und lassen dich, zu keinem ganz gehörend,
nicht ganz so dunkel wie das Haus, das schweigt,
nicht ganz so sicher Ewiges beschwörend
wie das, was Stern wird jede Nacht und steigt -
und lassen dir (unsäglich zu entwirrn)
dein Leben bang und riesenhaft und reifend,
so daß es, bald begrenzt und bald begreifend,
abwechselnd Stein in dir wird und Gestirn.

 

Rainer Maria Rilke

 

 

 

 

Im Spätrot  

 

Im Spätrot schlafen die Namen:

einen

weckt deine Nacht

und führt ihn, mit weissen Stäben entlang-

tastend am Südwall des Herzens,

unter die Pinien:

eine, von menschlichem Wuchs,

schreitet zur Töpferstadt hin,

wo der Regen einkehrt als Freund

einer Meeresstunde.

Im Blau

spricht sie ein schattenverheissendes Baumwort,

und deiner Liebe Namen

zählt seine Silben hinzu. 

Paul Celan

 

 

Scharlaken landschap

De bergtop. Ginds de zonsondergang, helemaal purper, gewond door de eigen kristallen, die overal bloed te voorschijn roepen. Door deze luister wordt het groene pijnbos grimmig, vaal rossig. En de kruiden en de bloempjes, in gloed, transparant, doorbalsemen dit serene ogenblik met een vochtige geur, doordringend, lichtend.

Ik blijf in extase het duister afwachten. Platero, zijn zwarte ogen korrels vol zonsondergang - gloed, gaat heen, mak, naar een waterplas van karmijn, rose, violet. Zachtjes dompelt hij zijn mond in de spiegel, en het lijkt wel of die vloeibaar wordt door deze aanraking; en of door zijn enorme keel een vloed van schaduwig  vloedwater verzwolgen wordt.

De omgeving is bekend, maar het moment verbijstert en doet alles vreemd schijnen, bouwvallig en monumentaal. Men zou ieder ogenblik zeggen dat we een verlaten paleis gaan ontdekken. De avond overschrijdt de eigen grenzen, en het uur, beroerd door de eeuwigheid, is oneindig, vreedzaam, onpeilbaar. ..-Vooruit, Platero ...

 uit: J.R. Jiménez, Platero en ik

 

 


           

canandanann 26-08-2010

    

blog:  http://waarnemingvandewerkelijkheid.blogspot.com

paintings: http://landscape.canandanann.nl