|
|
In het begin
was het donker, er was geen zon
en er was geen maan, er was geen zee
om in te zwemmen, er was geen
land om op te staan. De hemel was
zwart, de aarde was leeg. De hemel was
zwart, de aarde was leeg. Maar plotseling
stak God het licht aan. Toen scheen de
zon en het werd licht, met duizend
sterren aan de hemel, want dat vond
God een mooi gezicht. De hemel was
blauw, de aarde was leeg. En God
verdeelde toen de aarde in
heuvels, meren, zee en strand. Toen was de zee
voor alle vissen, en voor de
dieren was het land. Op de heuvels
bloeien de bloemen, er zwommen
zwanen in het meer, er liepen
herten door de heide en in de bossen
sliep een beer. De hemel was
blauw, de aarde was groen, De hemel was
blauw, de aarde groen. Maar op een dag
zag God dit alles en vond de
aarde niet volmaakt, en daarom heeft
hij toen als laatste er nog iets
prachtigs bij gemaakt. Hij maakte een
man en hij maakte een vrouw, en God maakte
mij en God maakte jou ... jou ... jou ... "Hopen is
toch blijven leven in de
vertwijfeling, en toch blijven
zingen in het duister. Hopen is weten
dat er liefde is, is vertrouwen
in het morgen, is in slaap
vallen en wakker
worden als de zon weer
opgaat. Is bij de storm
op zee land
ontdekken. Is in de ogen
van de ander lezen dat hij
je heeft verstaan. Zolang er nog
hoop is zolang is er
ook bidden en zolang zal
god je in zijn handen
houden. H. Nouwen Onze Vader de
in de hemel zijt geef mij een
plek op aarde waarvan de naam mij heilig is een koninkrijk
dat mijn huis is een plek die
mijn spelend kind ruimte wil geven waar dan ook Geef mij een
plek waar het koren groeit voor mijn brood waar de wind in
de bomen en het vuur in huis vergeving van
alle schuld is zoals ook ik
vergiffenis ben voor dat stukje aarde dat zonder mij
braak zou liggen een plek die
mij niet in verzoeking leidt die mij verlost
van angst. L. Gerritsen O
Heer, gebieder, onze
God, waakzaam en
oplettend dienen wij te
zijn in de
verwachting van uw komst. Messias, zoon van God, bevrijdend
mensenkind, als er geklopt
zal worden dat wij niet
slapen in sleur en
schuld, maar wakker en bewegelijk Uw naam
begroeten! W. Barnard
deze oude geteisterde verscheurde aarde vol schreeuwende mensen en kinderen oorlogen rampen leven verkracht en vernietigd verwoesting geweld overstroming vervuiling water is te veel of te weinig dorst en verlangen tranen van angst en verdriet moord en doodslag vuur geweren kanonnen brandende haat egoïsme en strijd verstikkende lucht beklemming grote benauwdheid en rook zwart is het donker stilte dood? stilte in het eerste licht storm bries ochtenddauw in zuivere lucht vrij ademen stralende zon vreugde en juichen warmte en vreugde vuur vol van de Geest opstaan lopen over water tranen van vreugde eb en vloed leven stromend water de regenboog in de wolken groen in de velden bloeiende bloemen spelende dieren rotsen doorbroken deze wereld onze vruchtbare moeder aarde mensen en kinderen samen hand in hand
Riemke de Groot
Als de wereld
een dorp was met 1000 inwoners dan zouden er
565 Aziaten zijn, 85
Afrikanen,
210 Europeanen, 80
zuid-Amerikanen en 50 Noord-Amerikanen. Als de wereld
een dorp was met 1000 inwoners Dan zouden er
700 niet-blanken wonen en 300 blanken. Er zouden 300
christenen zijn, 159 gekleurd en
141 blank. Er zouden 700
mensen anders geloven of niet geloven. Als de wereld
een dorp was met 1000 inwoners dan zouden 700
mensen niet kunnen lezen of schrijven. 500 zouden er
hongerig of met
onvoldoende voedsel naar bed gaan. Als de wereld
een dorp was met 1000 inwoners dan zou de
helft van het inkomen "verdiend" worden door 60
mensen. En de overige
940 mensen zouden het met de
andere helft moeten doen. Wanneer dit de
situatie in ons dorp zou zijn, zou ons dat te
denken geven. Maar het is in
feite ons dorp - want het is
onze wereld en zo groot is
die ook niet meer... Kerk zijn de
mensen, muren zijn de
horizon en het dak dat
zijn de sterren. God, als dat
eens kon! Kerk heeft geen
gebouwen nodig is als een
vogel vrij. Torens die zijn
overbodig: jij, jij hoort
erbij. Kerk is niet
waar mensen komen overal vandaan, kerk gebeurt
waar mensen dromen van een nieuw
bestaan. Stenen slijten
met de jaren, 't sterkste
huis stort in. Liefde blijft
haar glans bewaren, liefde overwint. Kerk zijn de
mensen, muren zijn de
horizon en het dak dat
zijn de sterren. God, als dat
eens kon! Iedere golf van
de zee, die wild op het
strand wordt gesmeten, brengt wel iets
moois voor je mee; maar wat - dat
kun je niet weten. Want als een
verborgen schat in het zoute
water zal drijven en als de golf
uit elkaar is gespat, op het strand
zal achterblijven: een schelp, een
stuk hout of een
zeeroversmes, je komt er van
alles tegen. Misschien op
een dag zelfs een brief in
een fles. Wat heb jij van
de zee gekregen? N. Kuiper Als je maar
ziet wat er te zien
valt. Als je maar
niet vervreemdt, langzaam
dichtslibt. Ogen heb je, ogen in je
hoofd, ogen in je ziel. Als je je maar
verwondert. Het licht, het
water, alles had er ook niet
kunnen zijn. Je verwondert. Zolang je je
verwondert, leef je, ben je
mens. Hans Bouma Bouw geen
vesting sluit je niet
af hoe onveilig hoe kwetsbaar
zul je zijn blijf in
gesprek met jezelf, met
anderen wees
nieuwsgierig stel vragen schep ruimte neem in
overweging mens ben je
toch mens onderweg bouw geen
vesting sluit je niet
af je komt in
ademnood je begraaft
jezelf. Hans Bouma jouw gang
gegaan jouw leven
geleefd jouw gezicht
laten zien mens geworden mens als nooit
tevoren onmiskenbare
mens licht koestert
je wind streelt je
huid bomen groeten
je zo prachtig ben
je ook mens rijk in
jaren mens rijk aan
leven mens Hans Bouma Tijd om te
werken tijd om te
rusten tijd om te
zaaien tijd om te
oogsten tijd om te
feesten tijd om te
rouwen tijd om te
spreken tijd om te
zwijgen tijd om te
luisteren tijd om te
praten tijd voor
jezelf tijd voor de
eeuwige Marinus
van den Berg mensen die tijd voor
je hebben geen
voorbijgangers maar geïnteresseerden mensen die zichzelf
overslaan alleen jouw
verhaal willen horen mensen die bescheiden
zijn toenadering
zoeken naast je staan mensen al was het er
maar één. Mens was je indrukwekkend mens zoals jij
leefde leefde en
liefhad onherroepelijk je naam onuitwisbaar je gezicht mens was je voorgoed mens Hans
Bouma Er tussen
blijven, dat is niet
alleen verlangen, een wens om niet alleen
te raken, om nog te mogen
blijven deelnemen aan het leven, om gezien te
worden als een mens van waarde
en betekenis. Er tussen
blijven, kan ook een
uitnodiging zijn: sluit je niet
af, stoot anderen
niet zomaar weg, tracht niet
alleen met jezelf bezig te zijn, probeer je ook
te richten op anderen probeer een geïnteresseerd mens te blijven, zie goede
dingen in de mensen om je heen. Zo vaak blijkt dat wie geeft
ook ontvangt. Marinus
van den Berg in ieder
seizoen 't lentelicht 't licht in je
jeugd 't zomerlicht 't licht in de
kracht van je leven 't herfstlicht 't licht dat je
de nerven, de krachtlijnen, het geheel,
laat zien 't winterlicht op de kortste
dag in de nacht
wordt nieuw licht
geboren onze Hoop. Herinner je in ieder
seizoen 't licht dat je
mocht zijn voor kleinen
kwetsbaren 't licht dat
mocht branden op de
lantaarn voor die de weg
zochten in het midden
van het leven 't licht dat je bent voor
mensen in de kou. met een menigte
vrienden (ook vriendinnen) door galilea's
dorpen en steden trekkend heeft hij
zieken genezen en verhalen verteld over de
hartstocht van de eeuwige god voor de wereld privileges van
de ontwikkelde stand telden niet voor hem hij telde
dagloners en tollenaars onder zijn gezelschap waar gebrek aan
voedsel of drank aan het licht trad deelde hij
vissen brood en wijn uit voor velen de macht van
machthebbers verachtte hij machtelozen
heeft hij de aarde beloofd zijn thema: de
toekomst van god op aarde het einde van
heerschappij van mensen over mensen in een
patriarchale wereld bleef hij de zoon en een
pleitbezorger van onmondige vrouwen en kinderen wilden galileërs
hem soms tot koning verheffen? hij nu ging op naar
Jeruzalem: regelrecht in de val van zijn tegenstanders op een
ezelsveulen kwam hij gereden - messias van kleine luiden; de vingers van
een lichte vrouw voltrokken de zalving aan hem.. gauw van slag
gauw verrukt volgden hem vrienden leerlingen om bij zijn
aanhouding radeloos onder te duiken in het donker over zijn
zwijgen heen rolde het snelle proces een afrikaan
sleepte voor hem de balk naar de executieplaats urenlang hing
hij aan het kruis: foltering met dodelijke afloop drie dagen
later de onvoorziene wending in plaats van
zich stil terug te trekken in het betere hiernamaals trad hij
opnieuw tevoorschijn in het bittere hier en nu voor de lange
mars door de vele doolhoven van volken
kerken en onze onheilsgeschiedenis vaak bekruipt
ons nu de angst dat hij al lang verdwaald
en verkeerd gelopen is ontmoedigd
verdwenen voorgoed misschien - of verbreekt hij nog eenmaal
(zoals eens met Pasen) de ban? en dus
vertellen we verder over hem de verhalen van
zijn rebelse liefde die ons
opwekken uit de dagelijkse dood - en voor ons
blijft: wat er nog mogelijk zou zijn. Kurt Marti Tegenwoordig
gaan de wereldvoeten over
asfaltstraten, zij bewandelen de weg van het
geweld. Maar het hart
der nederigen is sterker dan
de tanks. Niet van buiten
komt de vrede tot de mensen;
niet met behulp van kernwapens
wordt zij geconstrueerd, noch geschapen
door regeringsverdragen. Zij leeft in
het hart van het heelal, en alle dingen
jagen vrede na. Zij zal komen
met het morgenrood in deze
gekwelde, afgematte wereld. Zij wordt
gebracht door de handen van de
eenvoudige mensen, de nederigen en
armen der aarde. Door een
kinderhand wordt zij aangereikt en begeleid
door de muziek van een moedige jeugd. Vrede zal zijn
als de dauw voor deze
uitgedroogde aarde. Ik zwijg tegen
u Heer. Nu vraag ik
niet meer. Waar we om
baden dat verloren we, en waar we bang
voor waren dat kwam op ons
af. Licht werd
nacht voor onze dromen, en op de velden
bevroor de vrede. Er is nog
lawaai, er is lawaai aan de rand van
de doodschaduwafgrond. Ik zwijg tegen
u. Tegen uw vier
letters. Ieder
die de mogelijkheid heeft te protesteren tegen de mensen
in zijn huis, en niet protesteert, die wordt voor
de mensen in zijn huis aansprakelijk
gesteld. Ieder die de
mogelijkheid heeft te protesteren tegen de mensen
in zijn stad en niet protesteert, die wordt voor
de mensen in zijn stad aansprakelijk
gesteld. Ieder die de
mogelijkheid heeft te protesteren tegen de hele
wereld, en niet protesteert die wordt voor
de hele wereld aansprakelijk gesteld. In de
Kerstnacht had ik een droom... Ik droomde, dat
ik over het strand liep samen met de
Heer. Ik keek om en
ik zag daar twee sporen
zich aftekenen in het zand: het ene was van
mij, de andere die van de Heer, zo zijn we
samen blijven lopen, tot aan het
einde van mijn lijdensweg. Toen keek ik
weer om en ik zag dat
op zekere plaatsen er maar één
voetafdruk was ... en die plaatsen
stemden juist overeen met de
moeilijkste dagen van mijn leven: de dagen van de
grootste vertwijfeling, en de grootste
angst en de ergste
pijn. Ik vroeg Hem
toen: 'Heer, u hebt
mij gezegd al de dagen van mijn leven
met mij te zijn ... waarom hebt u
mij ALLEEN gelaten op de ergste
momenten?' En de Heer
heeft me geantwoord: 'Mijn kind, ik
heb je gezegd, dat ik met je
zou zijn gedurende de
hele tocht en dat ik je
geen minuut alleen zou laten. Ik heb je niet
in de steek gelaten: de dagen waarop
je maar ‚‚n spoor kon zien in het zand,
waren de dagen waarop ik je
heb gedragen. Ademar de Borros Zeg me 'wanneer is het
advent?' als de
gevangenen uit hun kerkers komen getekend maar vrij ... als de wonden van de
gemartelden zich sluiten en genezen .... dan is het
advent Zeg me 'wanneer is het
advent?' als het land toebehoort aan hen die het
bewonen en het loon van
de arbeid aan hen die het
verdienen dan is het
advent Zeg me 'wanneer is het
advent?' als de
verslagenen zich weer
oprichten als de
dorstenden uit de bron
kunnen drinken als de zieners gelukkig zijn
en dromen als onze moeder
aarde plaats heeft
voor allen en wij, mensen,
haar verzorgen als ons kind
... als niemand
meer hoeft te
sterven een
erbarmelijke dood door de
machthebber dan is het
advent. Het was een
nacht waarin ik sliep het was een
nacht van dromen toen iemand mij
bij name riep dat ik, maar
waar? moest komen. Ik heb aan 't
raam mijn oor gelegd, ik hoorde wind
en bomen. Geen stem heeft
mij de plaats gezegd waar ik ooit
aan zou komen. Ik ben gegaan,
op woorden uit, ik kocht er
duizend zeven zij klonken
snel en laag en luid ook zacht en om
het even. Een vroege
morgen, ver van her, een dag op dood
en leven heb ik in
boeken van papier die woorden
opgeschreven. Ik liet ze
daar, ik ben gegaan om één nieuw
woord te vinden - het kortste
eind, de lange baan onder de groene
linden, een rechte
straat, een kromme sloot gehold gefietst
gevaren - maar alle
woorden klonken dood alsof ze stenen
waren. Een
stemmenwirwar in de lucht een rots van
dove oren een hemelpoort
van loos gerucht een omgestortte
toren. Een landschap
uitgewoond en zwart o verre plaats
verzwegen met zeven
lampen in mijn hart zal ik nog
duizend wegen zal ik nog gaan
tot waar jij bent de droom mij
meegegeven de stem die mij
bij name kent - tot waar de
woorden leven. Het was een
huis waarin ik sliep - waar zeven
lampen hingen. Ik droomde dat
een woord mij riep. Ik hoorde
mensen zingen. Jij die daar
hangt - ze zeggen:
God - je bent kapot gebroken door
je kruis. |