liturgie9
Start Omhoog

                 



BANG

Bang om mezelf te zijn en om me te geven -

misschien ben ik eigenlijk bang om te leven...

 

bang om alleen te zijn en om me te binden -

misschien ben ik eigenlijk bang mezelf te vinden...

 

die angst heb ik niet alleen die deel ik met velen -

misschien kan ik m'n angst met iemand delen..

 

iemand die weet en voelt hoe bang ik ben -

en nog vaak zal wezen misschien vind ik dan mezelf

en durf ik te leven!

 

Geeske Visser


DE LEVENDE ZELF  

Heb geen angst

en wees niet treurig

als ik er straks

niet meer zal zijn.

Geloof me,

Gods hart is wereldwijd.

Ik ben niet bang

om door de dreigende dood

op Hem terug te vallen,

gewoon omdat ik weet

dat het goed is

in Hem,

in het Grote Leven

geborgen te zijn.

En ik zeg jullie:

in Hem vinden wij

elkanders leven

onbeschadigd terug

tegen de tijd

dat Hij zal zijn

'alles in allen'.

Tot zolang

kan ik jullie

alleen maar zeggen:

wie mij heeft meegemaakt

heeft tegelijk

God zelf leren kennen.

Wat ik gedaan heb

en wie ik ben geweest,

het was de Levende zelf

die in mij

ten einde toe

aan het woord

kon komen

en die zichzelf

heeft laten kennen

al doende

wat ik deed.

Moet ik nog meer zeggen?

Geloof dan,

op grond van mijn daden

onder jullie,

dat de Vader leeft in mij

en ik in Hem.

En jullie ook:

als je God wilt zien,

geef Hem dan te zien

door voor elkaar

zo goed als God te zijn.

Dan zul je

nog groter wonderen

doen dan ik.

Je zult het leven

verder brengen,

tot alles is voltooid,

oneindig goed gemaakt!  

Jan van Opbergen


ERGENS BANG VOOR  

Elk mens is ergens bang voor

al zegt men soms van niet

bang zijn in het donker

bang zijn voor een hand

elk mens is ergens bang voor

en dat is heel gezond

 

Elk mens is ergens bang voor

dat is toch heel normaal?

Bang zijn voor de tandarts

bang zijn in de trein

elk mens is ergens bang voor

dus maak je maar niet klein

 

Elk mens is ergens bang voor

voor zaken klein of groot

bang zijn om te leven

bang zijn voor de dood

elk mens is ergens bang voor

al is-ie nog zo groot  

Arjan Vaartjes


ZANG VAN HOOP

In het uur

wanneer de zon

achter de heuvels

wegsluipt

en de nacht

-een panter-

neerhurkt

voor zijn sprong

op onze nietsvermoedende stad...

wil ik zingen

over de kronkelige verlangens

van dit land,

over de gekooide dromen

van vergeten mensen

wil ik zingen

over alles wat was

maar niet langer is,

over alles wat nooit was

maar had kunnen zijn

wil ik zingen

over de hoop van onze kinderen,

wil ik zingen

om ons te herinneren

nooit te wanhopen;

want ieder uur,

iedere minuut

gloort, ergens op aarde,

een nieuwe,

prachtige morgen.  

Cecil Rajendra


VOOR GROTE MENSEN  

speel maar, mijn kind

op de markt van mijn ogen

ik zal wel dansen

als je speelt op de fluit

ik zal wel huilen

als je zingt van de dood

speel maar in het zand van mijn hart

graaf er zo diep als je wilt

de schat die je vindt is voor jou

 

speel mee met ons spel

mens erger je niet

kom, leeg je glas

drink niet meer nacht in teugen

maar ga liggen languit

in de geur van jasmijn

kijk en open je oren

want bloemen schieten

omhoog uit de ijzige aarde

houd vol in het koude skelet

van deze wereld in aanbouw  

Paul Begheyn s.j.


EVA EN ADAM  

Het zonlicht

door de haartjes op zijn armen

zijn slungelmanier van lopen

zijn billen

als hij steentjes staat te keilen

bij de beek

zijn grinniken als dat lukt

dat is grappig om naar te kijken

zo plezierig om te zien.

 

En ik weet zeker

dat hij mij ook graag bekijkt.

Geef hem eens ongelijk

ik zou lang zo vrolijk niet zijn

als ik niet prettig bekeken werd.  

Karel Eykman


HANDEN, OGEN  

'Als je een stem hoort

als voetstappen naderen

als handen worden uitgestoken

als ogen je aankijken

weet dan dat God

gestalte krijgt in mensen

hun handen, voeten,

ogen, mond en hart

dat Hij mensentaal gebruikt

om met jou in gesprek te zijn

dat niets menselijk Hem vreemd is'.


VERLIEFD

Vandaag koop ik een luchtballon

en zweef ik vrolijk naar de zon.

Huppel op alle wolken!

 

Ik strooi wat sterren in het rond,

de hemel is mijn blauw plafond,

de wijdte maakt mij dronken.

 

Ik land op de glinsterende maan,

waar ik een toverfee zie staan,

zij streelt verliefd mijn haren.

Ik fluister zacht, oh jij, komaan,

laten we samen verder gaan,

met mijn ballon gaan spelevaren.

 

Dan roept een vreemde harde stem:

Marcel Verdonk zeg waar je bent,

niet in de les, niet in de klas!

Ik ruk mij los van waar ik was,

twee tafels ver van mij vandaan:

het mooiste meisje van de klas

was mee de wolken in gegaan.  

Diet Verschoor


HET IS WAT HET IS  

Het is onzin

zegt het verstand.

Het is wat het is

zegt de liefde.

 

Het is pech

zegt de berekening.

Het is niets dan pijn

zegt de angst.

Het is uitzichtloos

zegt het inzicht.

Het is wat het is

zegt de liefde.

 

Het is belachelijk

zegt de trots.

Het is lichtzinnig

zegt de voorzichtigheid.

Het is onmogelijk

zegt de ervaring.

Het is wat het is

zegt de liefde.  

Erich Fried


SAMEN SLAPEN  

Je zoenen zijn zoeter dan

zoeter dan honing en ik vind je

mooier en liever, liever

en aardiger nog dan de koning.

We gaan samen liggen

een eind hiervandaan

we maken van takken

van takken en blaadjes

een vloer en een dak,

dat was onze woning

of ik was het tuintje,

en jij was de tent

daar gingen wij wonen

en blijven en horen

o rep je mijn liefje

ik heb je zo graag

nu of nooit samen slapen

want we zijn er

alleen maar vandaag.  

Judith Herzberg


SALOMONISCH  

Laten we samen er ijlings vandoor gaan,

haastig teloor gaan

over de heide;

laten we onder de linde alleen zijn,

gretig daar ‚‚n zijn,

zó dat geen woord of gebaar ons kan scheiden.

 

Laten wij niet meer aan anderen denken,

aandacht slechts schenken

steeds aan elkaar.

Laten wij spelen als jeugdige hinden

die in den blinde

maken de wetten en vrijheden waar.

 

Laat ik je meedragen tussen mijn borsten,

vorst van de vorsten,

edelste kruid.

Laat mij zo telkens je liefde verwerven

en bij ons zwerven

word ik in heerlijke stilte je bruid.  

Jan Wit


ZEGENWENS  

Gezegend handen

die leven aanraken

gezegend handen

die krachtig zijn

gezegend handen

die pijn voelen

gezegend handen

die aarde tot een tuin maken

gezegend handen

die open zijn van vreugde

gezegend handen

die gebald zijn van woede

gezegend handen

die herstellen en schoonmaken

gezegend handen

die spelen

gezegend handen

die getekend zijn door leeftijd

gezegend handen

die strelen en opbeuren

gezegend handen

die recht doen

gezegend handen

die belofte van toekomst dragen

 

gezegend

Onuitsprekelijke God,

het werk van

uw handen!  

Jan van Opbergen


ELKAARAANRAKEN  

Liefde bestaat hierin:

dat twee eenzaamheden elkaar

beschermen en

aanraken en

begroeten.  

Rainer Maria Rilke


DE GOD VOOR IEDEREEN

Ik ben de geest in de lucht,

ik ben de zwerver die ronddwaalt,

ik ben de wolk van niet-weten,

ik ben het water dat zuivert,

ik ben het gezicht van al wat goed is,

ik ben de ster die geleidt in de nacht,

ik ben de duif van vredige hemelen,

ik ben het hart dat alle leven beweegt,

ik ben de koning van iedere koning,

ik ben de zon om de aarde te verwarmen,

ik ben de liefhebber van het pure,

ik ben de rechter waar gerechtigheid heerst,

ik ben de aarde om op te leven,

ik ben de God voor iedereen.  

Jim Donnelly


Bij psalm 1  

Gelukkig de vrouw

die niet luistert naar laster,

niet spreekt als een slang,

niet vorst naar verraad.

Zij doet het gewone:

het werken en waken,

het zorgen en zingen,

het woord bij de daad.

 

Want zij lijkt op een boom

aan de levensstroom,

die neemt en geeft,

die looft en leeft.

Zij komt tot ontplooiing

bij dag en bij droom.

 

Maar die zinloos leven,

zich geen rekenschap geven -

lege zaadhulzen zullen zij zijn.

Wel mooi in de vlucht

maar gevuld met lucht,

zonder echte vreugde of pijn.

 

Gelukkig de vrouw,

wier hart kent een haven,

wier ziel kent een zin,

wier verstand een gevecht.

Zij vindt voor haar voet

een licht in het duister,

een doorgang,

een uitweg

naar vrede en recht.  

Mieke de Jong


TEKENS VAN LEVEN  

Jezelf niet ontlopen,

jezelf niet verliezen,

telkens weer

je pas inhouden,

jezelf zonder ogen zien,  

vraagtekens plaatsen,

wie ben ik,

waar ga ik naar toe?  

vraagtekens,

tekens van leven,  

jezelf niet ontlopen,

zoekend en roepend  

dwalend door het landschap

van je ziel,

je bent er mens voor.    

Hans Bouma


APRIL  

Het goud der dotters klatert langs de waterkant,

de rogge wimpelt op de wind in frisse stromen;

op groene voeten waadt april door 't blinkend land

en woelt met witte handen in de bloesembomen.

 

In broze vlucht opvlindrend naar het hel azuur

ontbloeit de kers en vouwt haar koele schaduw open:

een lila wiegeling befloerst de witte muur

der hoeve, die van zon en bloesems ligt bedropen.

 

Waar het jonge weiland huivert, fel van licht doorschoten,

dat als een sweepslag op de prille peppels trilt

en aan het water tipt met tintelende lippen,

 

laat zich de zwaluw uit de sneeuwen takken glippen

en werpt zijn flitsend lijf, dat van verrukking rilt,

in blauwe arebesken langs de tengre sloten.  

Truus Gerhardt


BIJ DE BUSHALTE  

Wij wachten bij de bushalte.

Het is al laat, wij willen naar huis.

Eindelijk komt de bus,

maar hij stopt niet, hij rijdt door.

Dus bus is vol

zonder te stoppen rijdt hij door.

 

Wij denken na.

Hoe vaak gaan wij zonder te stoppen

aan anderen voorbij.

Aan anderen die verlangend op ons wachten,

wachten op een gesprek,

wachtend op iemand die naar hen luistert,

wachten op een gebaar,

wachten op een lach, een vriendelijke blik,

maar wij gaan door.

Waarom Heer, gaan wij door?

 

Wij zijn net als de bus, tot de nok toe vol,

vol van onszelf,

vol van onze ergenissen, onze vreugde,

onze haat, onze liefde,

onze angst, onze moed,

onze nederlagen, onze overwinningen,

ons gebrek, ons bezit.

 

Wij zijn van onszelf vervuld

wij zijn vol van onszelf

en gaan aan anderen voorbij


Lied van de Mensenzoon  

Zijn melodie was een duet:

twee stemmen die tesamen zongen.

Mensenzoon en Zoon van God,

Zijn naam 'Jezus van Nazaret'.

 

Hij zong een lied van hoop en vrede,

van bevrijding en geloof.

Hij zong een lied van eeuwig leven

maar werd veroordeeld en vermoord.

En toen gaf Hij zijn geest...

 

En toen gaf Hij zijn Geest

en zie, Hij leeft... Hij is verrezen!

Zijn dood was niet zijn laatste woord,

in zijn ogen, onze harten,

leeft zijn melodie nog voort.

Zie de wereld met zijn ogen,

zie de mensen met zijn hart.

Groet elkander met zijn woorden,

loof de Vader met een lied.

Zing zijn lied van hoop en vrede,

van bevrijding en geloof,

zing zijn lied van eeuwig leven,

zonder grenzen, zonder dood.

 

Want toen gaf Hij zijn Geest:

de Geest waarin Hij heeft gesproken,

de Geest waarvan Hij heeft geleefd,

zijn Geest van liefde voor de Vader,

zijn Geest van liefde voor de mens.


VLOEDLIJN  

Aangespoeld

op het droge van vandaag

de resten van gister,

opgestuwd

tegen de klippen op.

 

De zee neemt,

de zee geeft ...

en de mens?

Hij neemt ... en neemt ...

en zijn spoor is de dood.

 

God zaait het leven.

Hij is de adem

waarvan wij bestaan.

Maar adem-benemend

is de mens.

Blindelings

streept hij zijn toekomst door.

 

God schreef zijn Naam

in de sterren,

onleesbaar gemaakt nu,

uitgewist.

Verduisterd raakt de hemel.

 

Wie is de mens?

Bijna een god,

kroon van de schepping,

maar te hoog te paard

voorgoed zijn val nabij ...

 

Wie is de mens

dat Gij hem nog gedenkt?

Nog uitzicht geeft

op de regenboog

van Uw trouw?

 

Geef ons nieuw zicht

op de hemel,

en leven

dat weet heeft

van morgen ...


Ik zal  

een boom zijn

en ik zal de vogel zijn

die in me nestelt

 

ik zal de grond zijn

waar de boom in wortelt

waar de vogel woont

 

ik zal de wind zijn

en grond en boom en vogel

eindeloos strelen

 

en onder boom zal ik de mens zijn

die dit dromend zal bestaan  

J.C. van Schagen


HET WOORD ALLEEN  

Het woord Alleen is altijd bij me.

Het schuifelt rond, het stommelt in mijn hoofd,

Het trekt en rukt aan mijn gevoel als een dreinend

kind aan moeders arm, het knerpt en

knarst onder mijn voeten, het schudt mij

wakker, het ligt te grijnzen op mijn bedde

kussen, het schuurt alles ruw kapot,

ook dat heel tere weefsel van elk voorzichtig

ontluikend begin van belangstelling.

Het vernielt alles wat maar in de verte zou

lijken op aardigheid hebben

in het een of ander.  

Cri Stellweg


MET DICHTE OGEN  

Als ik mijn ogen sluit zie ik dat jij er bent

en met mijn ogen kan ik door je haren woelen

en met mijn ogen weer je lippen voelen

en alles wat ik heb verkend.

 

Ik zie je handen met mijn ogen dicht

en hoe je vingers zacht de mijne kusten

en in de bedding van mijn heupen rustten

en naast het mijne jouw gezicht.

 

Ik lees die  woorden. 'Dag'. 'Voorbij' en 'Uit'

staat bloedrood aan de binnenkant geschreven.

En God, waarom is het mij niet gegeven

dat ik echt mijn ogen sluit.  

Jos Brink


BLIJVEN DELEN  

Voor mensen die wel over water willen lopen

om elkaar te vinden en de hand te

reiken.

 

Voor mensen die samen blijven breken,

blijven delen met de moed der hoop,

drinkend van het levenswater op weg naar morgen.

 

Voor mensen die met angst in het hart

het onmogelijke proberen, die het brood

blijven breken en de beker blijven heffen tegen de vernieling in.

 

Voor mensen die blijven werken voor

gerechtigheid en vrede, - geen verte te ver,

geen zee te hoog!  

Jan van Opbergen


RECREATIE  

Wij zagen het aan de bomen toen wij

vanmorgen ontwaakten, aan de hoge bomen

rondom het huis.

 

En wij hoorden het, overal om ons heen:

het was met geen naam te benoemen, het

was met geen pen te beschrijven,

het was als met handen te tasten.